|
De osteopatische technieken zijn in feite niet osseus, musculair, ligamentair, tendineus, fasciaal, cutaan. Ze richten zich naar Elementen "spanningsmodulatoren" (Elements Tenso-Modulateurs = ETM ) gelegen tussen de huid en dieperliggende structuren. Deze ETM deprogrammeren zich door zich aan de huid te hechten. Het losmaken van deze ETM bewerkstelligt tegelijkertijd hun herprogrammering en een onmiddellijke verdwijning van de osteopatische lesie ( = lésion osteopathique L.O ) Voorbeeld : Een jonge patient vertoont een hyperpijnlijke torticolis. Een nauwkeurige analyse van de huid maakt het mogelijk de punten op te sporen die verkleefd zijn = de ETM die geprogrammeerd zijn. Hier is de huid samengetrokken, korrelig, vast en klevend aan de onderliggende ETM. Een zeer fijn bedreven stimulatie van de huid laat een onmiddellijk loslaten toe. Daarbij zal tegelijkertijd de cervicale kolom pijnloos worden en haar beweeglijkheid terugvinden. Alles doet zich voor alsof de bloccage het vastlopen van het gewricht, zich niet situeert ter hoogte van het gewricht of zelfs niet ter hoogte van de spieren, maar het resultaat is van een vastkleven van de huid ter hoogte van de ETM: het gewricht kan niet draaien naar rechts omdat de huid niet kan uitgerokken worden naar rechts. Deze vaststelling die we reeds hebben opgemerkt bij het teken van Lasègue ,raakt in feite alle gewrichten, al de L.O. (osteopatische lesies ) wat ook hun localisatie, hun intensiteit en ancienniteit weze. De osteopatische behandeling bestaat er dus in om : de huid ter hoogte van de ETM los te maken. Dit losmaken kan gebeuren :
|
Webmaster : Loic VINET - Nathalie SIGNORET | Copyright (c) 2006-2010 Tous droits réservés. Reproduction interdite sans autorisation.
|